Een erfenis van culturele viering: een interview met de oprichter van The Hague African Festival
Sinds de oprichting in 2008 is The Hague African Festival (THAF) (voorheen African Festival, sinds 1986) uitgegroeid tot een van de belangrijkste culturele evenementen in de stad Den Haag. Wat begon als een initiatief van een kleine, diverse werkgroep met een gedeelde passie voor Afrika, is inmiddels uitgegroeid tot een jaarlijks terugkerend festival dat duizenden bezoekers trekt en de rijke culturele diversiteit van het Afrikaanse continent viert.
In deze persoonlijke terugblik deelt George Duncan de oprichter van Stichting Sankofa en vorige organisator van THAF, en daarmee de grondlegger van THAF zijn ervaringen, inzichten en dromen voor de toekomst van het festival. Hij vertelt over de uitdagingen, de successen, de kracht van samenwerking, en over de belangrijke overdracht aan een nieuwe generatie die het festival met dezelfde toewijding én frisse energie voortzet.
Als oprichter van Stichting Sankofa en de drijvende kracht achter The Hague African Festival (THAF), hoe kijk je terug op de reis en de evolutie van THAF door de jaren heen?
We zijn ooit begonnen met een groep “Afrika lovers” en hebben Stichting Sankofa opgericht met als doel de Afrikaanse cultuur en Afrikaanse gemeenschap in Den Haag zichtbaarder te maken. Onze werkgroep bestond destijds uit Nederlanders, Surinamers en Afrikanen, allemaal met een gedeelde passie voor Afrika.
In die tijd had Den Haag, net als veel andere gemeenten, geen specifiek cultuurbeleid voor Afrikaanse inwoners. Hierdoor vonden we vaak moeilijk onze weg naar subsidies voor culturele participatie. Als stichting wilden wij hier verandering in brengen door een Afrikaans festival te organiseren, dat uiteindelijk het grootste in de Randstad zou worden. In de afgelopen twaalf edities hebben we een podium kunnen bieden aan Afrikaanse artiesten uit zowel Afrika als Europa, kunsttentoonstellingen gehouden, Afrikaanse mode en producten gepresenteerd, Afrikaanse culinaire hoogstandjes geïntroduceerd, en vele workshops en uitwisselingsprogramma’s georganiseerd. We zijn trots op wat we hebben bereikt; de grootste Afrikaanse artiesten hebben op ons podium gestaan en Den Haag heeft Afrikaanse cultuur in al haar diversiteit kunnen ervaren.
Wat denk je dat de betekenis is van het voortzetten van The Hague African Festival, en waarom is het belangrijk om deze culturele viering in Den Haag te behouden?
THAF heeft Den Haag, als stad van recht en vrede, op de kaart gezet als een promotor van Afrikaanse cultuur. In de twaalf jaar dat het festival werd georganiseerd door stichting Sankofa, hebben we jaarlijks gemiddeld 5.000 mensen naar Den Haag getrokken, zowel nationaal als internationaal. Daarnaast hebben we via sociale media een bereik van meer dan 40.000 mensen.
Het festival heeft bijgedragen aan de zichtbaarheid van diversiteit en tolerantie in de stad. THAF is nu uitgegroeid tot een cultureel monument en een vast onderdeel van de stad Den Haag. Het draagt bij aan de diversiteit van de Haagse evenementenkalender.
Hoe kijk je naar de overgang naar de nieuwe organisatie die THAF beheert, en wat zijn je verwachtingen of hoop voor hun toekomstige edities?
Na de pandemie stonden we financieel zwak en konden we Stichting Sankofa niet langer in stand houden. Daarom besloten we om THAF over te dragen aan een nieuwe organisatie met jonge mensen en frisse ideeën. Gelukkig heeft de nieuwe organisatie, Stichting Nteasee, ervaring opgedaan tijdens eerdere edities van het festival, en dat geeft ons vertrouwen dat zij de continuïteit zullen waarborgen. Augustina Austin, de nieuwe directeur, heeft de afgelopen zes edities met ons samengewerkt en is bekend met de visie die we hadden.
We hopen dat Stichting Nteasee de visie zal behouden, maar ook vernieuwing zal brengen op het gebied van programma, team en promotie, zodat er ook meer jonge mensen worden bereikt.
Wat waren enkele van de grootste uitdagingen tijdens uw periode bij THAF, en welke prestaties bent u het meest trots op?
Elk jaar was de grootste uitdaging het vinden van de juiste balans tussen het programma en de beschikbare financiële middelen. Wat je wilt bereiken en wat je uiteindelijk kunt realiseren, hangt altijd af van de subsidies die je weet binnen te halen.
De grootste prestatie is dat we twaalf jaar lang onafgebroken het festival hebben kunnen organiseren met een sterk team en een groep toegewijde vrijwilligers. Als ik het opnieuw zou mogen doen, zou ik zeker weer met hetzelfde team willen samenwerken.
Op welke manieren heeft THAF de lokale en internationale gemeenschap beïnvloed, en hoe heeft het bijgedragen aan een diepere waardering voor Afrikaanse cultuur in Den Haag?
Onze samenwerkingen met verschillende Haagse instellingen zoals de Kloosterkerk, Filmhuis Den Haag, Amare, Aloha Surf, en het Zuiderparktheater hebben een sterke basis gelegd voor de lokale en internationale gemeenschap. We hebben mensen de mogelijkheid gegeven om Afrikaanse muziek, mode, eten en kunst van dichtbij te ervaren. We hebben echt een venster naar Afrika gecreëerd in Den Haag, en ons publiek was altijd een mooie mix van verschillende culturen.
Heb je advies of wijze woorden voor de nieuwe leiders van THAF nu zij aan dit volgende hoofdstuk in de geschiedenis van het festival beginnen?
Er zijn een aantal belangrijke dingen om in gedachten te houden. Ten eerste, behoud de visie en doelstellingen van THAF en begrijp goed wie de doelgroep is. Het is essentieel om een goede relatie te onderhouden met de gemeente Den Haag, fondsen en andere partners.
Investeer in een goed team en zorg voor een heldere implementatie, een grondige evaluatie, en een effectieve communicatie via sociale media. Ik zal altijd bereid zijn om op afstand te adviseren als dat nodig is. Op naar de volgende twaalf jaar of meer!
